Wanneer je kindje moeilijk in slaap valt, vaak wakker wordt of alleen met veel hulp weer in slaap komt, kan slaaptraining een manier zijn om te helpen. Maar slaaptraining betekent niet dat er één vaste methode is die voor ieder kind werkt. Als baby- en kinderslaapcoach kijk ik naar het kind, de leeftijd, de slaapgewoontes én naar wat voor jullie als ouders goed voelt. Op basis daarvan kiezen we een aanpak die past bij jullie situatie.
Welke slaaptraintechnieken zijn er?
Binnen mijn begeleiding werk ik met verschillende slaaptraintechnieken. De belangrijkste zijn pick-up/put-down, put-down/put-down, de stoelmethode en gecontroleerd laten huilen.
Het doel van deze technieken is steeds hetzelfde: je kindje stap voor stap leren om zelf (weer) rustig te worden en in slaap te vallen. De manier waarop we dat aanpakken verschilt.
Pick-up/put-down
Bij pick-up/put-down blijf je bij je kindje tijdens het inslapen. Je biedt geruststelling door je stem en aanraking en kunt je kindje, wanneer dat nodig is, even oppakken om te kalmeren.
Vervolgens leg je je kindje weer wakker terug. Deze methode wordt vooral gebruikt bij jonge baby’s die gewend zijn om veel hulp te krijgen bij het inslapen. Denk bijvoorbeeld aan wiegen, veel aanraken of in slaap sussen. Het uitgangspunt is dat je de hoeveelheid hulp geleidelijk vermindert, zodat je kindje steeds meer zelf leert doen.
Put-down/put-down
Put-down/put-down lijkt op pick-up/put-down, maar is meer gericht op kindjes die al wat ouder zijn. Wanneer je kindje gaat huilen, zitten of staan, help je hem weer rustig in bed te gaan liggen. Je blijft in de kamer en gebruikt vooral je stem en je aanwezigheid om je kindje te ondersteunen. Ook hierbij bouwen we de hulp stap voor stap af. Deze methode kan bijvoorbeeld goed aansluiten bij een kindje dat gewend is om met veel hulp in slaap te vallen, maar inmiddels wat ouder en beweeglijker is.
De stoelmethode
Bij de stoelmethode blijf je in eerste instantie bij je kindje terwijl het in slaap valt. Vervolgens wordt de afstand tussen jou en je kindje geleidelijk groter. Je begint bijvoorbeeld naast het bed en verplaatst je stoel daarna steeds verder richting de deur. Uiteindelijk leert je kindje dat het ook veilig is om zelf in slaap te vallen zonder dat jij naast het bed zit. Deze methode kan vooral passend zijn voor peuters en jonge kinderen die gewend zijn geraakt aan de aanwezigheid van een ouder tijdens het inslapen.
Gecontroleerd laten huilen
Bij gecontroleerd laten huilen geef je je kindje meer ruimte om zelfstandig in slaap te vallen. Je verlaat na het bedtijdritueel de kamer en komt op bepaalde momenten terug om je kindje kort gerust te stellen. Het verschil met de andere methodes is dus vooral dat je niet continu in de kamer aanwezig bent. Deze aanpak kan relatief snel resultaat geven, maar kan in het begin ook meer huilen met zich meebrengen. Daarom is het belangrijk dat ouders goed weten wat ze kunnen verwachten en dat de methode op een passende manier wordt uitgevoerd.
Welke methode is het beste?
Er bestaat niet één slaaptraintechniek die voor ieder kind de beste is. Het ene kindje wordt juist rustiger wanneer een ouder dichtbij blijft. Een ander kindje raakt daar misschien steeds meer van afgeleid. Ook leeftijd, temperament, slaapgewoontes en de situatie thuis spelen een rol. Daarom kijk ik bij Project Slaap altijd naar het hele plaatje.
De techniek is slechts een onderdeel van het proces. Minstens zo belangrijk is hoe je de methode toepast, hoe je reageert op je kindje en hoe je ervoor zorgt dat je aanpak duidelijk en voorspelbaar blijft.
Consequent zijn is belangrijk Welke methode je ook kiest: duidelijkheid en consequentie zijn belangrijk.
Wanneer je kindje de ene avond op een bepaalde manier wordt geholpen en de volgende avond ineens iets heel anders ervaart, kan dat verwarrend zijn. Een voorspelbare aanpak geeft je kindje duidelijkheid over wat hij kan verwachten. Dat betekent overigens niet dat je nooit mag afwijken. Is je kindje ziek of is er iets anders aan de hand? Dan staat slaaptraining uiteraard niet op de eerste plaats. Eerst moet je kindje zich weer goed voelen.
Slaaptraining is meer dan een methode
Een slaaptraintechniek is geen trucje waarmee je ervoor zorgt dat je kindje van de ene op de andere avond doorslaapt. Je kindje leert een nieuwe vaardigheid: zelf rustig worden en zelf in slaap vallen. Dat kost tijd en oefening. De eerste dagen kunnen daarom best pittig zijn. Vaak zie je al vrij snel kleine veranderingen, terwijl het volledige proces wat langer kan duren. En juist daarom vind ik persoonlijke begeleiding zo belangrijk. Ieder kindje reageert anders en soms blijkt tijdens het proces dat een andere aanpak beter aansluit. Welke slaaptraintechniek past bij jullie? Twijfel je over welke methode je moet kiezen? Dan hoef je dat niet alleen uit te zoeken.
Tijdens een begeleidingstraject bij Project Slaap kijken we samen naar het slaapgedrag van je kindje en naar jullie situatie. Vervolgens bepalen we welke aanpak het beste aansluit. Want goede slaaptraining draait uiteindelijk niet om het volgen van een standaard methode, maar om een aanpak die past bij jouw kindje én bij jullie als gezin.
Wil je weten wat er mogelijk is voor jullie situatie? Plan dan een vrijblijvend kennismakingsgesprek met Project Slaap.